Cigarettes

Teer-, nicotine- en koolmonoxide-gehalte

Het teer- en nicotinegehalte van een sigaret verschilt van product tot product in reactie op de vraag van de consument.


In de meeste landen wordt deze informatie vermeld op de verpakking om consumenten te helpen bij de keuze van een product dat overeenstemt met hun voorkeur en smaak. In sommige landen wordt bij wet vereist dat deze informatie wordt vermeld en worden zelfs grenzen gesteld aan de toegelaten teer-, nicotine en koolmonoxide-afgiftes.

 

In het algemeen wordt het teer-, nicotine- en koolmonoxidegehalte (of “afgifte”) bepaald overeenkomstig de testmethoden die zijn goedgekeurd door de Internationale Organisatie voor Standaardisatie (ISO), die in het grootste deel van de wereld erkend worden.

Het filteruiteinde van de sigaret wordt geplaatst in een opening in de rookmachine.

De sigaretten worden één per één aangestoken door een elektrische warmtebron.

De sigaret wordt opgerookt met behulp van een pomp en de hoofdstroom van de rook wordt geleid door een Cambridge filterpad achter de opening waarin de sigaret is geplaatst. De deeltjes uit de hoofdstroom van de rook worden vervolgens verzameld op de pad.

De sigaretten worden opgerookt met een snelheid van 35 ml gedurende 2 seconden per minuut. Dit zijn de parameters voorgeschreven door de ISO-norm.

De sigaretten worden opgerookt met een snelheid van 35 ml gedurende 2 seconden per minuut. Dit zijn de parameters voorgeschreven door de ISO-norm.

De rookmachine stopt automatisch met roken op een vooraf bepaald punt.

Het gewicht van de nicotine en het water wordt gemeten en afgetrokken van het totale gewicht van de deeltjes die op de pad zijn verzameld. Wat overblijft is “teer” (nicotinevrij droog deeltje).

Image X of Y |
left
|
pause
|
right

Door middel van de gehaltes die op deze manier worden bekomen, kunnen de producten op een objectieve wijze worden vergeleken. Zij geven echter geen exacte informatie en hebben ook nooit de bedoeling gehad om dergelijke informatie te geven over hoeveel teer, nicotine en/of koolmonoxide een individuele roker zal inhaleren bij het roken van een bepaalde sigaret. Een rookmachine “rookt” een sigaret altijd op exact dezelfde wijze – om gegevens af te leveren die gemakkelijk kunnen worden vergeleken met gegevens voor andere sigaretten – terwijl in werkelijkheid elke roker op een andere manier rookt en meer of minder rook inhaleert dan een rookmachine. 

 

Bovendien kan van sommige rokers die overschakelen naar sigaretten met een lager teer- en nicotinegehalte het rookgedrag al dan niet tijdelijk veranderen.


Wat betekent dit? Het betekent dat:


Deze gehaltes kunnen consumenten helpen om een sigaret te kiezen die overeenstemt met hun voorkeur en smaak.


Het is echter mogelijk dat een roker meer of minder teer, nicotine en/of koolmonoxide per sigaret inhaleert dan op de verpakking staat vermeld.


Een product waarvan de verpakking een lager teer-, nicotine- en/of koolmonoxidegehalte aangeeft dan een ander product is niet noodzakelijk minder schadelijk dan een product waarvan de verpakking hogere gehaltes aangeeft.